chch

Terug naar Chch. Maar eerst even kijken of Mt Cook haalbaar is. Dat wordt dus verplicht terugkomen, voor deze berg heb je minimaal 2 dagen nodig. Lake Pukaki is staalblauw, zwembladblauw. Heeft iets te maken met mineralen en de zon die erop weerkaatst.
De weg die we volgen gaat naar het noordelijke meer, de pijpen in de grond zorgen voor weer een waterkrachtcentrale. We gaan naar een zalmkwekerij, eentje die de zalm in het kanaal kweekt. Er zwemmen slechts 300.000 zalmen in de verschillende bakken. We volgen een self-guided tour, je krijgt een duidelijke uitleg op papier en een bakje visvoer (lijkt aardig op varkenskorrels maar schijnt speciaal voor deze zalm te zijn).
We nemen de Scenic Route verder terug. Weinig scenic, eerder een doodsaaie lange rechte weg. De SH1 was waarschijnlijk afwisselender geweest, die gaat tenminste nog door de dorpjes heen. De natuur was natuurlijk wel mooi, maar we houden toch ook van afwisseling.

Omdat we enkele dagen in Chch verblijven -en we niet veel meer doen dan shoppen en een bowls-match bijwonen- komen de updates weer na vertrek uit dit -op dit moment zéér regenachtig- stadje.

Dammen en andere kunstwerken

Een korte rit vandaag, maar wel een met heel veel afslagen! De eerste is naar tekeningen van de Maori op de rotsen. We zijn het eens dat het hele mooie rotsen zijn maar geen tekening te zien! Er is wel een stuk rots naar beneden gekletterd... daar zaten nou vást net die tekeningen.

In Waitaki staat de op één na oudste waterkrachtcentrale, een gigaproject! We komen onderweg nog 2 centrales tegen die wat kleiner maar wel moderner zijn.

Lake Benmore is voor de watersporters een paradijs, nu ook voor ons want er is niemand verder te bekennen.

En dan slaan we af naar de Clay Cliffs. Een privé(grind)weg van 10 kilometer lang dwars door helemaal niets, een verlaten stuk grond, struiken, bergen op de achtergrond, enkele bijenkorven (waar die bijen hun voedsel vandaan moeten halen? wilde lupinen?), een afgesloten hek. Tegen betaling van $5 mag je doorrijden, het geld stop je in een busje, op goed vertrouwen/geluk dus. Een grindrivier stroomt vrolijk in de zon. En dan zijn daar ineens de kleirotsen. Statig. Prachtig!

We overnachten enkele kilometers buiten Twizel, een klein dorpje met enkele winkels. Wel 2 supermarkten (allebei 4square... op een steenworp afstand van elkaar). Behalve gereedschap kun je in de hardwarestore ook ansichtkaarten, speelgoed en kleding kopen. De drogist heeft ook al een allegaartje aanbiedingen. Wel vrolijk winkelen. We overnachten aan Lake Ruataniwha (spreek dat maar eens uit!), een park met kleine huisjes en veel caravans en tenten. Hopelijk vallen die dennenappels niet al te grote deuken in het dak van de auto (hij was tenslotte nieuw toen we hem ontvingen).

Overigens hadden we vanaf Te Anau Downs geen internet meer. Vodafone heeft dus toch niet zo'n goede dekking als ze beweren... Maar de vorige stukjes had ik dus wel al in klad gemaakt. En met de rust die hier weer heerst (het lijkt bijna alsof we de enige vakantiegangers zijn) is een avondje uploaden ook weer een leuke tijdsbesteding.

Oamaru

Fijne druppeltjes als je naar het was- en plashok loopt. Vogels maken zich niet druk om een beetje vocht, die zingen vrolijk door! De lady die de schoolbus rijdt maakt tussendoor het terrein schoon. Gezellig mens. We gaan eerst even pinguins spotten in Nugget Point, enkele kilometers verderop. Daar hadden we dus vroeger ons bed voor uit moeten komen. Tussen 7 en 5 uur zwemmen deze dieren in de zee op zoek naar voedsel (denk ik). Ze zijn in ieder geval niet zichtbaar. Dunedin spurtten we voorbij, geen zin in een stad! De pinguins van Moeraki zijn onderweg... maar de boulders liggen er nog. Die dingen blijven fascineren. We overnachten in Oamaru, eens kijken of de pinguins ons hier willen zien. Er wordt een tour aangeboden, we besluiten dus zelfstandig te gaan kijken. Eerst maar eens naar de Blue Penguin Colony. Als we die willen zien moeten we entree betalen... en hoe groot is de kans dan? Oeps, we mogen -zelfs zonder flits- geen foto's maken. Maar we mogen wel even naar het uitzichtpunt, ze komen pas rond kwart over 8 binnen. Er zwemmen er wel een paar in zee, wat zijn ze klein! We rijden terug en gaan op zoek naar de Yellow Eyed Penguin Colony. Maar wacht eens... zit daar op die steiger niet een hele kolonie pinguins? En dan i het wel jammer dat je geen supersterke telelens hebt meegenomen maar voor ons zijn de foto's goed genoeg! Wat een mooi gezicht... En dan dus op zoek naar de geelogen. Net voorbij Cape Wanbrow ligt Bushy Beach. En in de struiken zit een pinguin. Hij komt niet veel later tevoorschijn. Hij geeft een complete show weg! En wat is hij mooi!!! En dan vindt hij het wel weer genoeg en duikt de bosjes weer in :)

Kaka Point

Doel: Dunedin. Vanaf Fortrose gingen we de witte weggetjes volgen. We hebben een map van de "Catlins Highway" met alle bezienswaardigheden erop vermeld. Wat "Highway" inhoudt? Misschien hoge weg? In ieder geval kun je deze kustweg nou niet bepaald een hoofdweg noemen. Of misschien ook wel, bij gebrek aan beter ;-)
Bij Waipapa Point vinden we geen zeeleeuwen en ook het wrak van het schip dat in 1881 is vergaan komt niet even boven het wateroppervlak uit. Maar de vuurtoren is voorzien van zonnepanelen. En ik vind mijn eerste echte paua! En dan nog niet eens een kleintje ook. A vindt enkele mooie pauasnippers. We vinden nog wel andere aparte schelpdelen. Iemand heeft een plastic ijsbakje achtergelaten, handig voor onze schelpen en het ligt meteen niet meer het strand te vervuilen.

Van Waipapa gaan we naar Slope Point, het meest zuidelijke punt van het Zuidereiland. Nu zijn we dus op de uiterste punten van Nieuw Zeeland geweest. In het noorden stond er een fikse wind, we waaiden bijna van de weg af (en dat is beslist niet overdreven). Hier in het zuiden schijnt de zon volop, er staat wel een klein beetje wind maar dat lijkt me wel normaal aan de kust. Is ook lekker anders brandt je meteen weg. Om het zuidelijkste punt te bereiken loop je door een weiland, er is geen pad uitgezet (of je moet de hekken als pad beschouwen). De vuurtoren ziet eruit als een benzinetank.


De weg is inmiddels overgegaan van asfalt naar grind en dat voor minstens 14 kilometer. Die je ook weer terug moet rijden, er zijn geen afslagen naar andere plekjes. In Waikawa blijkt inderdaad alleen een museum te liggen dat tegelijkertijd dienst doet als informatiepunt en vismogelijkheid. We hadden wat anders op het menu staan dus rijden we door naar Niagara. De Falls worden op de map al met een big smilie aangegeven, ze blijken nog geen 20 cm hoog te zijn. De kathedraalgrotten zijn alleen bij laag water te bereiken en om nou 6 uur te wachten... We vervolgen de weg en genieten volop van de uitzichten.


We komen toch echt niet verder dan KakaPoint. En dat is bepaald geen straf, het is hier prachtig! Weer overnachten we in de middle of nowhere. Er staan hier 2 cabins, verder zijn er nog wat kampeermogelijkheden, maar we zijn de tent vergeten :) Geen internet. Misschien morgen weer? Voor een overnachting van NZD 48 (omgerekend € 26,66) gaan we niet moeilijk doen.

Invercargill

Vandaag rijden we naar Invercargill. De wolken hangen zo laag dat je eerst een stuk berg ziet, vervolgens de wolken en dan het andere stuk berg. Liefst in de kleuren groen-wit-bruin met een laagje poedersuiker. Fascinerend!



In Tuatapere -een reeks huizen en 2 winkeltjes die beide geen kruidenierswaren verkopen- drinken we koffie in een museumshop. En wat voor een museum! De mooiste dingen uit grootmoeders tijd zijn hier verzameld en op een prachtige manier tentoongesteld. Zelfs de bruidsjurk van haar grootmoeder -en de bijbehorende documenterende foto-, het eerste en laatste model Shackleton hout/kolenfornuis...
Zoals mevrouw zelf al zegt: iedere Nederlander haalt hier zijn of haar hart op. Je bent gewoon in het openluchtmuseum of in een van die andere toonkamers waar onze plaatselijke musea zo graag mee gevuld worden. Dan steken er nog even 550 koeien de weg over. Daar blijf je wel even voor wachten.

Riverton is de volgende stopplaats. Enkele hele mooie galerieën en een perfect eethuisje! Ga lamsalade eten bij Mrs Clark's! Eigenlijk willen we naar Bluff maar daar is dus echt helemaal niks te beleven! Dus terug naar Invercargill en luxe overnachten bij Top Ten.

Milford Sounds

Net voor half 9 worden we opgepikt door een busje met lokale gidsen. Met ons erbij nemen 7 personen deel aan een dagtocht naar de Milford Sounds. Dat wil zeggen, het beginstuk. Al snel haken er 2 af. Zij gaan enkele uren lopen en klimmen door het fjordenland, samen met een van de gidsen. Het is een flink eind rijden tot aan Milford Sounds zelf. Door de Homer tunnel, klimmen en dalen, watervallen dichtbij en wat verder weg maar steeds even schitterend. En dan gaan we aan boord van een driemaster. Geen groot toeristenschip, ongeveer 30-40 mensen. Een gids met humor! Zwaai naar kiwi's in een kano en ze zwaaien terug... En waarom die rots "sealrock" wordt genoemd? Juist, er liggen enkele zeehonden te genieten van het zonnetje. Het is een stralende dag. Mooier hadden we het niet kunnen treffen. We krijgen ook nog wat serieuze uitleg. De bergen zijn eigenlijk kale rotsen waarop algengroei plaatsvindt. Op de algen groeien mossen en op die mossen groeit de overige vegetatie tot bomen aan toe. Wanneer die bomen dan weer topzwaar geworden zijn storten ze van boven naar beneden (meestal met een of andere storm) en de berg wordt in één keer kaalgeveegd. Wat dus ook betekent dat er in die Tasmanzee heel wat bomen moeten liggen... En dit grapje vindt niet eens sporadisch plaats. Zeker eens per maand is er wel weer een stuk rots aan de beurt om schoongeveegd te worden zodat daarna de algen zich weer kunnen vastzetten, de mossen van de algen kunnen leven.... Watervallen ontstaan soms ook gewoon door regenwater, gisteren heeft het flink geregend (we weten er alles van) en daarom zijn er vandaag nog zoveel watervallen. Het schijnt dat er in Milford Sounds 8 meter regenwater per jaar valt! We moesten ons dus goed realiseren dat we echt geluk hadden vandaag. Zoveel zonneschijn en dan ook nog nauwelijks wind kwam niet zo heel erg vaak voor. Je voelt je trouwens wel héél erg klein tussen die enorme rotsen!! Het is nauwelijks voor te stellen hoe hoog ze echt zijn. Maar het schijnt dat áls je van de top zou springen je een vrije val van 10 seconden maakt voordat je in zee duikt/valt. Ik was het niet van plan. Deze reuzen boezemen heel wat ontzag in.

Op de terugweg spotten we nog enkele kea's net buiten de tunnel. Die beesten zijn bijna gewoon mak. Je kunt van heel dichtbij foto's maken. Ze gaan gewoon model staan. Dan zetten we nummer 3 van de partij af. Hij gaat zelfstandig een (aangelegd) pad door de bergen volgen. Over enkele uren pikken we hem weer op. Vervolgens gaan we naar de Marina kreek. Als ik alle namen van de kreken had moeten opschrijven die we hier tegenkomen dan had ik aan één opschrijfboekje niet genoeg gehad! Om bij deze kreek en waterval te komen ga je eerst een swingbrug over. Flink doorstappen en je merkt niet eens dat hij schommelt of gewoon rustig lopen en wat op en neer gaan. Het is maar waar je voor kiest. Een steil pad brengt ons naar de waterval. We zitten nu midden in een regenwoud en dus zijn er ook weer prachtige mossen te zien op de bomen en struiken.

Boven bij de waterval komen we de andere gids met de 2 klimmers tegen. Zij voegen zich weer bij ons, we gaan thee drinken onderaan de kreek. Dan rijden we nog naar Gunn's camp. Een museum en overnachtingsplaats voor backpackers die echt tegen een stootje kunnen. En vooral tegen sandflies. Er zijn kleine hutjes, opgeknapt zoals deze er vroeger al stonden toen Gunn hier zijn nederzetting had en al toeristen over de bergen loodste. Voor wie dacht dat er geen humor in dit land is moet hier eens een kijkje gaan nemen. Don't feed the sandflies! Een man staat met een soort imkernet om zijn hoofd hout te hakken. Een gretige verteller die ons nog even meeloodst naar de dikste Kahikateaboom en peperblaadjes laat proeven.

We zijn nog steeds de enige gasten... heerlijk!

Te Anau Downs

Puur toeval: we vinden de verkorte weg van Wanaka naar Queenstown. Geen State Highway maar een kronkelweg door de bergen die pas sinds 2000 geplaveid is. Prachtige uitzichten, haarspeldbochten tot in de vallei. Boven op de berg is het flink koud, er staat een keiharde wind. Sommige stukken zijn heel erg kaal, andere harstikke groen.



Nog even op bezoek in Arrowtown. Jammer dat de meeste galerieën van 4 jaar geleden nu weg zijn, er zaten enkele hele goeie bij!

We slaan Queenstown over en rijden door. In Kingston (dat we nog kennen van een stoomtrein) komen we langs de bieb. Een kleiner gebouw heb ik daarvoor nog niet gezien. Hij is helaas gesloten. Maar ze hebben wel een boekenbrievenbus!


Het land stikt ook van de memorials. Soms gewoon een steen met ene plakkaat erop. "Historic site" is ook zoiets. Je leert al snel níet af te slaan. Scenic reserves kunnen daarentegen soms hele mooie stukken landschap zijn. Zo loop ik in de motregen door een reservaat met lage bossages. Mooi!

Op de (mot)regen na is het trouwens prachtig weer. Meer dan een T-shirt heb je niet nodig! Nou ja... tot we in de verte de regenwolken zien en we niet lang daarna er midden tussenin rijden. Omdat we ruim op tijd in Te Anau zijn besluiten we nog een stukje door te rijden. Bij Te Anau Downs is een motel/backpackerslodge. We zijn de enige gasten! Wat een rust, heerlijk!